zaterdag 21 januari 2017

Alternatieven voor gentrification op de vastgoedmarkt

Gentrification niet te stuiten

Gentrification is in steden als Utrecht, Amsterdam en momenteel zeer zeker ook in Rotterdam zo normaal geworden dat er zelfs artikelen verschijnen waarin geklaagd wordt over "universele hipstercafes" die overal hetzelfde zijn (nrc). De winkelstraatmanager en gemeente krijgen applaus als de Utrechtse Amsterdamsestraatweg een "bagels & beans" heeft weten aan te trekken. Op zich hoeft hier niets mis mee te zijn. Als ik er langs fiets, zie ik op de ‘stroatwêg’ er zeker niet alleen hipsters zitten, maar juist van alles en nog wat. Het oogt een stuk gezelliger dan het voormalige veel minder druk bevolkte café dat hetzelfde pand bezette. Echter, de reden dat ik dit schrijf is dat het eeuwige kiezen voor de "yup" wel de makkelijkste weg lijkt, maar volgens mij niet altijd daadwerkelijk de beste voor een stad is. Want waar moeten dan de echte sociale huurders (lees, niet scheefwoners) wonen en hun eten en spullen kopen? Gideon Bolt schreef jaren geleden al over de immens populaire wijk Lombok op basis van zijn onderzoek naar sociale cohesie in gemengde buurten: "De interesse van de yup in zijn allochtone buurman gaat niet veel verder dan het graaien in de pot feta." Met andere woorden: het mengen gaat niet vanzelf, zelfs niet in wijken die in de loop der tijd gemixt zijn geworden.

In Krachtstation proberen we werelden te verbinden. Dit lukt, als je echt samenwerkt

In Kanaleneiland ben ik zelf samen met een heel team bezig met Krachtstation: een combinatie tussen wonen, ondernemen, onderwijs, sport en zorg. Deze combinatie is heel bewust gekozen en gewaagd, in de zin dat we niet voor de makkelijkste weg hebben gekozen. Wij willen dat verschillende werelden elkaar op natuurlijke wijze ontmoeten. We willen daarbij bereikbaar en laagdrempelig voor de wijk zijn. Zo wordt het pandbeheer gedaan door Marokkaanse jongens uit de wijk – gebundeld in Stichting Trendy – en door studenten die in het pand wonen; twee groepen die elkaar anders niet snel zouden ontmoeten en leren kennen. Als je als bezoeker binnenkomt zie je direct de diversiteit. Je ziet ROC leerlingen naar het in de wijk ontstane Fight-Dance-Cardio Centre gaan. Je ziet oudere Marokkaanse mannen naar de dagopvang van Attifa Zorg gaan en moeders van kinderen met een licht verstandelijke beperking naar Inaya Zorg, Studenten met een slaperig hoofd van een avondje doorhalen. Je ziet de wijkverpleegkundigen van Buurtzorg langskomen voor een van de weinige overleggen die ze hebben (ze zijn vooral bij de patiënten en zo min mogelijk op kantoor).

Wij zijn met deze keuze voor de wijk al voor gek uitgemaakt tijdens een van de vele rondleidingen die we geven. Men was en is bang dat we de markt kapot zouden maken omdat we een van de laagste vierkante meterprijzen van de stad hebben. Dit terwijl het hier niet gaat om anti-kraak of korte termijn verhuur, maar om een duurzame exploitatie van 20 jaar of langer.

Krachtstation illustreert dat vastgoed en beheer kansen voor wijken kunnen bieden

Krachtstation is eind 2016 officieel geopend en was op voorhand al 100% verhuurd. Het feit dat we samen met de wijk en wijkondernemers werkten en dat we kozen voor betaalbare kwaliteit, zowel binnen als buiten, zorgde ervoor dat we geen leegstandsrisicio hadden. Ja, we hadden voor doelgroepen die hogere prijzen konden betalen kunnen kiezen. En ja, dat had veel meer opgeleverd. Maar nee, dat wordt al genoeg gedaan. En nee, daar geloven wij niet in. Op de lange termijn is het aansluiten op de omgeving duurzamer. En het feit dat we zoveel mogelijk met de aanwezige partijen uit de wijk zelf doen zorgt wijkeconomisch, maatschappelijk en bedrijfseconomisch voor een veel beter resultaat dan als we het met standaard partijen van buiten hadden gedaan.

Wie heeft nog ideeën voor andere Krachtstations en helpt mee aan het tegengaan van gentrification-eenheidsworst in vastgoedland?

Ik geef toe dat dit is gelukt doordat naast onze eigen overtuiging, ook onze sociale investeerders deze visie deelden. Maar nu het allemaal draait en rendeert, en ik dit schrijf denk ik: Waarom gebeurt dit niet veel meer?

Waarom kan vastgoed niet als duurzaam maatschappelijk verantwoord ondernemen instrument worden ingezet? En waarom kan er in de plannenmakerij en vastgoedland niet meer aandacht zijn voor de maatschappelijke onderkant, maar dan vanuit sociaal en commercieel oogpunt? Wie helpt Krachtstation en haar sociale investeerders aan nieuwe kansen om te investeren in wijken en buurten, waar de dynamiek wellicht veel leuker en spannender is dan in het volgende hipstercafé!?

vrijdag 9 december 2016

Hoe kijkt Binnenlands bestuur naar onbetrouwbare opiniepeilingen?

Onlangs werd ik door Reporter 2021 van Brandpunt gevraagd naar mijn mening omtrent de discussie over grote opiniepeilers. Zij zouden namelijk geen goede afspiegeling van de samenleving in hun panels hebben, en daardoor het stemgedrag van grote groepen niet kunnen voorspellen. Zo worden de minimaal 25% niet westerse "allochtonen" in de grote steden niet of nauwelijks bereikt.

In mijn ogen is dit al lang problematisch, wat nu bijvoorbeeld pijnlijk zichtbaar is in de sterk uiteenlopende inschattingen van de opkomst van de politieke partij DENK. Hetzelfde probleem van niet-representativiteit speelt ook bij veel inwonersenquêtes, panels van gemeenten en talloze andere onderzoeksvragen. Vrijwel altijd wordt er voor de kostentechnisch efficiëntste methodes gekozen, d.w.z. online en papieren vragenlijsten. Maar hoe tackle je dan het probleem van significante ondervertegenwoordiging van laagopgeleiden, migranten en de 2,5 miljoen Nederlanders die moeite hebben met lezen en schrijven (en dus met online- en papieren onderzoek), bij maatschappelijk zeer relevante vraagstukken?

Terecht en met succes vullen steeds meer organisaties hun papieren onderzoek aan met face to face onderzoek. Zo voert Labyrinth bijvoorbeeld in Nederland en België landelijke steekproefonderzoeken uit met inzet van meertalige face-to-face interviewers. Vreemd genoeg zijn wij de enige die dit op deze schaal kunnen en doen. In mijn statement bij Reporter 2021 probeer ik juist over ons eigen onderzoeksbelang heen te kijken. Het is natuurlijk leuk voor ons bureau dat er steeds meer vraag komt, naar face to face interviews in meerdere talen. Het maatschappelijke belang is ook overduidelijk groot, maar wij kunnen dit nooit alleen. Er moet iets van meer structurele aard gaan gebeuren.

We zijn hierover druk in overleg met universiteiten en gerenommeerde instituten, maar graag hoor ik juist ook de mening van beleidsmedewerkers, bestuurders, etc.

woensdag 9 december 2015

Selfmanagement: populair zorg-taalgebruik en de nieuwe kleren van de keizer

Vanochtend een belangrijk overleg gehad met verschillende zorginstellingen over hoe de zorg cultuursensitiever moet worden. Plat gezegd, zorgaanbieders en zorgstudenten, moeten meer kennis en vaardigheden ontwikkelen m.b.t. het sterk verkleurende zorg-cliënteel in Nederland. Het gesprek was met mensen die met hun voeten in de klei van de zorg staan en midden in de stress en drastische veranderingen die de decentralisatie van de zorg met zich meebrengt. Al jaren ben ik verbaasd over het vakjargon en wishfull thinking vanuit de jargon-trendsetters. Ik was hier in het werken met mensen uit het onderwijs al vaker over gevallen, maar door dit gesprek kwam mijn verbazing over het populaire begrip "SELFMANAGEMENT" weer naar boven.

Te makkelijk gedacht over Selfmanagement?


Verbazing omdat het een toverwoord lijkt te zijn wat helemaal niet aansluit bij veel belangrijke aandachtsgroepen in de zorg. Mensen in hoge torens bedenken een trend en stellen dit als voorwaarde voor beleid en subsidie-geldstromen, en tataa, vervolgens gaat iedereen met selfmanagement aan de slag. Natuurlijk stel ik het hiermee te simpel voor en natuurlijk is er zeker een zelf-tendens onder handige mensen die met smartwatches, websites en apps, heel veel zelf willen en kunnen doen. Dat is natuurlijk hartstikke goed, net zo goed als dat participatie, zelfredzaamheid en zelfbeheer heel goed kunnen zijn. Het is zeker ook goed om te proberen mensen zelf  de regie te geven. Maar wordt er niet veel te makkelijk over de mensen heen gewalst die niet zo handig zijn? En moet beleid juist niet worden afgestemd op de vraag in plaats van andersom?

De nieuwe  kleren van de keizer


Selfmanagement lijkt op een door zorgverzekeraars en overheid gewenste self-fullfilling prophecy. Voor heel veel mensen is het uitkiezen van de juiste zorgverzekeraar al niet te doen, laat staan als je in de schulden zit, last hebt van COPD, een groot gezin en ook nog eens suikerziekte?? Wat ik me  afvraag als ik deze term in een overleg met praktijkmensen hoor is: zijn er genoeg mensen die tegen de jargon-trendsetters zeggen: Keizer waar zijn u kleren? Doe eens normaal en stop met het abstracte gepraat en kom in het werkveld?

dinsdag 17 november 2015

Straight from the sewer: vechten voor een toekomst


De aanslagen in Parijs maken mij niet zozeer bang, maar vooral kwaad. Ze zetten mij aan het denken. Hoe kunnen we de negatieve emoties ombuigen of inzetten tot iets positiefs? Vechten tegen uitsluiting, vechten voor vooruitgang, vechten tegen starre systemen en tegen verkeerde marketing. De goedkope marketing van angst en populisme zal na de aanslagen nu wel snel volgen. Een van de zaken waar we zelf wat aan kunnen doen, is het bevechten van uitsluiting en het voorkomen van frustraties. En het is geen ver van onze bed show. Zo lazen we vorige week over de vele miljoenen die tevergeefs worden gespendeerd om mensen aan het werk te krijgen, maar niet werken. Dezelfde week had ik een overleg met gemeente, buurtteams en ROC's over de honderden stageplekken die niet vervuld worden in de wijk om nog maar niet te spreken over de langdurig werklozen of 50- plussers die niet aan de bak komen.

Cynisme als gevaar

Ik zie het grote cynisme in wijken en bij veel jongeren als groot gevaar. Dit cynisme wordt enerzijds veroorzaakt doordat in het doorgepolderde Nederland, dubbeltjes in achterstandswijken, helaas meestal dubbeltjes blijven. Anderzijds komt dit door de pseudo-participatie en het ontbreken van ECHT contact met de onderkant. Vandaar de titel van deze blog: Straight from the sewer. Het ontbreekt aan touwladders voor mensen aan de onderkant om uit de goot omhoog te komen. De rappers (Das EFX) in bovenstaande foto zijn omhoog geklommen en hebben hun afkomst niet verloochend. Sterker nog, het is een unique selling point, iets waar ze trots op zijn. Hier is behoefte aan, dat blijkt ook aan de retro van “Straight outta Compton” en de nu al voor veel onrust zorgende Belgische straatfilm “BLACK” van Adil El Arbi and Bilall Fallah.

De huidige Nederlandse bestuurders kennen nauwelijks nog mensen uit de krachtwijken. Daarom faalt menige aanpak van armoede, werkloosheid, jeugdcriminaliteit, radicalisering, etc. Het goedkope idee van verwachten dat mensen met zorgen aan hun hoofd vrijwillig en voor niets de participatiemaatschappij uit de grond gaan stampen komt op het volgende neer: "Kijken, kijken, niets kopen". Dit versterkt cynisme. Begrijp me niet verkeerd, ik geloof in burgerkracht en participatie en net als in gegoede wijken, willen ook veel mensen uit krachtwijken hun steentje bijdragen. Maar het gevaar van cynisme door een 'projectencarroussel', met denken “voor” mensen, ligt helaas nog steeds overal op de loer.

Het speelde in Utrecht bijvoorbeeld ook rondom Cultuur in de Wijken. Mensen vanuit de wijk werden gevraagd om input te geven aan het team van ingehuurde professionals voor de Vrede van Utrecht, en spendeerden uren en uren aan vergaderen, maar wat leverde dit op? De geldstroom kwam de wijk in, maar vloog er via de externe professionals weer versneld uit.

Hetzelfde lijkt nu ook op het gebied van sport te gebeuren. Als er iéts is wat van onderop is opgebouwd is het wel het verenigingsleven en het sporten. Maar ook daar is een hulpverlenings-mechanisme in werking getreden. Professionals worden betaald om de onwetende, ongezonde wijkbewoners richting sport te stimuleren...

Op zich een goed iets, sportstimulering, zeker in dit tijdperk van verleidelijke Nintendo's en chips-lunches op middelbare scholen. Maar doe dit dan van onderop. Zorg dat de mensen die echt contact hebben worden ingehuurd. Zorg dat de zak met geld voor stimulering evenredig wordt besteed aan de mensen die er het hardst voor werken: de mensen die met hun voeten in de modder staan en daar trots op zijn: Straight from the sewer.  Deze mechanismes van het uitsluiten van geldstromen voor de mensen en ondernemers uit de wijk, worden namelijk ongelofelijk goed gesignaleerd. Dat vergeten professionals en bestuurders nogal eens. De aanhang van veel wijkinitiatieven - zoals bijvoorbeeld de vechtsportschool - honderden jongeren en hun ouders uit de wijk, weten allemaal dat hun trainer zich uit de naad werkt en dat als er weer eens "draagvlak" nodig is vanuit de krachtwijk, hun club voorop in de krant komt. Zij weten ook hoe de geldstromen lopen en dat die niet bij hun bottom-up initiatief terecht komen. In 2008 bij het bezoek van toenmalig minister Vogelaar aan de krachtwijken wisten de jongeren in het buurthuis exact te benoemen hoeveel geld er was aangevraagd voor dit "project". Meer voorbeelden hiervan zijn ook terug te vinden in "STRAAT KREDIET" een biografie over Said Bensellam geschreven door Frank van Gemert.

Oorzaken van Kijken, kijken, niets kopen

De basis voor dit cynisme is gelegen in het feit dat ‘niet-probleem-eigenaren’, niet via het bonus /malussysteem betaald, problemen van anderen moeten oplossen. Dit terwijl het ontbreekt aan mandaat of borging van onderop. Het systeem van overheidsmatige projectinterventies gekoppeld aan het hiaat tussen bestuur/elite en de onderkant, zorgt voor het "Kijken, kijken, niets kopen". Want als het project is goedgekeurd, moet het draagvlak nog gecreëerd worden, zonder dat de ‘onderaannemers’, de ‘wijkinitiatieven’ zijn meegenomen in de begroting. Je zou daarom bijna de oproep doen aan de wijken/onderkant: doe niets voor niets! Hoe anders kan dit onbedoeld en onbewust zo uitpakkende systeem worden doorbroken? Niets voor niets kan natuurlijk niet de oplossing zijn, maar hoe anders kan er gewerkt worden aan een eerlijkere beloning in geld en ‘waarde’ring voor de echte werkers, de lokale helden, de vaklui, de doeners, de no-nonsens mensen?

Boosheid omzetten in daadkracht

Ik ben zelf ondanks de woede en het gevaar van cynisme, nog steeds optimistisch. Ik zie kansen voor collectieven en het slimmer organiseren van onderop. Het past in de tijdsgeest en het momentum is daar. Maar hoe kan dit feest voor de al kansrijke hogeropgeleiden ook bijdragen aan het doorbreken van cynisme aan de onderkant? Anders gezegd: hoe kunnen de trends van slimmer anders zelforganiseren, coöperatieve vormen, elimineren van tussenschakels (zoals bijvoorbeeld m.b.t. energie bij Vandebron) en nieuwe deeleconomieën worden ingezet voor het vechten tegen cynisme? Het vechten voor opklimmen uit de goot? Wijken als Molenbeek in Brussel, de Afrikaanderwijk in Rotterdam, Slotvervaart/Nieuw-West in Amsterdam, de Schilderswijk in Den Haag en Kanaleneiland of Overvecht in Utrecht moeten wijken zijn waar mensen met een vechtersmentaliteit ‘rechtstreeks uit de goot’ vooruit kunnen komen en daarvoor moeten allen zeilen bij!

Bronnen/ tips




dinsdag 27 oktober 2015

Werk met BONUS-MALUS in de wijkaanpak: samenbrengen van Geldstromen door de Wijk Kanaleneiland

Een paar weken geleden gaf ik samen met Pieter Buisman een werkshop voor de wijkraad Zuidwest in Kanaleneiland op het wijkbureau. De wijkraad wilde graag meer weten over onze succesvolle workshop Geldstromen door de Wijk en hoe dit in de praktijk wordt gebracht bij Krachtstation-Kanaleneiland. Tijdens deze werksessie stonden we stil bij de vele geldstromen die door de wijk gaan en het vele geld dat verloren gaat, ofwel weer keihard wegstroomt. Een belangrijk item dat ervoor kan zorgen dat er zoveel mogelijk voor en door de wijk benut wordt is: ondernemerschap met gezonde prikkels. Door geldstromen, projecten en klussen in wijken vanuit ondernemerschap en verdienmodellen te benaderen kan de potentie van een wijk veel beter benut worden. Klinkt leuk, maar nu concreet 5 tips:

1. Breng geldstromen in kaart, zorg voor transparantie


Breng geldstormen in kaart, zodat je kunt gaan proberen aan de knoppen te draaien. Het advies aan de wijkraad was dan ook om de gemeente hierbij uit te dagen. Vraag budgetten op, stel vragen, wees kritisch.


2. Zoek ondernemers op en daag ze uit


Ondernemers zaten niet aan tafel bij de wijkaanpak, en wijkeconomie werd in eerste instantie vergeten. Dat is gelukkig wel veranderd, maar slimme innovatieve oplossingen worden nauwelijks gebruikt in de wijkaanpak. Sterker nog, er wordt meestal zelfs geen appel op ondernemers, of ondernemende mensen gedaan. #Durftevragen blijkt in de sociale media heel krachtig en goed te werken, maar doe dit ook live in de wijk! Het voorbeeld wat Pieter Buisman vaak aanhaalt gaat over de hoge zorgkosten en de mevrouw die een traplift nodig heeft, doordat dit in de media komt, komen er tal van ondernemers uit de wijk, die een veel goedkopere en slimmere oplossing hebben dan de aanpak die via de zorgpartij en de gemeente wordt voorgesteld: Easysteppers is hiervoor zo'n goed voorbeeld.

3. Werk dan wel met de juiste prikkels: een Bonus-Malus Systeem


Stimuleer niet het produceren van uren, en denken in problemen, maar het oplossen en denken in kansen. Daar waar veel ondernemers beloond worden als hun project of product goed loopt (winst) en "gestraft" worden als dat niet zo is (verlies). Is dit in de non-profit/ sociale sector en bij de overheid niet of veel minder het geval. Dit speelt wijken parten, de uit de voegen gebarsten projectencarrousels bij de Krachtwijken waren hier een goed voorbeeld van.  Een hoop zou voorkomen kunnen worden, wanneer er gewerkt zou worden volgens een bonus malus systeem. Zo ontstaat er een belang bij het oplossen van problemen. Doe je het goed, los je het probleem beter op, dan krijg je ook meer (bonus), en blijft het vooral bij veel praten en vergaderen, dan is het jammer: minder/ niets (malus). Met een bonus malus (mits goed gedefinieerd) komt er een automatische rem op onnodige uren verspilling en inefficiëntie en een belang op oplossingen en tastbare resultaten. Uiteraard moeten de targets waarop de bonus en de malus gebaseerd worden, wel goed worden gedefinieerd en hiervoor is dan vaak een nulmeting en een latere effectmeting nodig (sociale en economische impact monitor) Alleen al de noodzaak om hierover na te denken, zorgt voor verbetering.

4. Sociaal ondernemerschap/ Wijkbedrijf: Niet alleen de lusten, maar ook de lasten. Ondernemen is risico nemen en geen vrijheid blijheid


Voorwaarde voor succes is ook het zorgen voor een eigen inbreng. De inbreng van eigen vermogen, hoe groot of klein ook, zorgt ervoor dat de motivatie is ingebakken in het businessmodel. Niet voor niets is dit een voorwaarde voor financiers en banken. Dit bant vrijblijvendheid en freeriders gedrag uit en zorgt ook voor eigenaarschap van initiatiefnemers in de wijk. Er is iets te winnen (dan kan gaan om een eigen stek in de wijk, om geld, om een baan, etc.) maar ook iets te verliezen. Als het niet lukt, dan gaat dat ook ten koste van iets, het moet ook pijn kunnen doen.

5. Combineer de menselijke maat van de wijk of buurt, met noodzakelijke schaal zoals bijv. Wijkcooperatie.nl


Werken vanuit de wijk werkt omdat de schaal behapbaar is en mensen geen nummer meer hoeven zijn. Globalisering en glokalisering gaan hand in hand. Maar wijkinitiatieven en projecten die geldstromen die de wijk uitvloeien naar de wijk proberen om te buigen hebben voor sommige zaken juist ook schaal nodig. Er is veel discussie over nieuwe businessmodellen en de nieuwe deeleconomieën die ontstaan tal van terreinen zoals wonen (Airbnb) en vervoer (Uber) en ook op het gebied van schoonmaak aan huis (Helpling), maar voortbordurend op deze modellen liggen zeker grote kansen voor wijken en buurten, mits goed doordacht. Een goed voorbeeld in ontwikkeling is wijkcooperatie.nl.  Zij organiseert en ontwikkeld o.a. een backoffice om mensen die in de wijk willen werken en bedrijven die mensen uit de werk willen hebben te ontzorgen en de marges die anders wegvloeien naar marktpartijen van buiten de wijk, kunnen in de wijk of het gebied zelf blijven. Dit wordt bij het Krachtstation Kanaleneiland in de praktijk gebracht en een van de sociaal ondernemers die in het Krachtstation huurt zal de receptiefunctie voor de wijk uitvalsbasis gaan vervullen, alsmede klussen in en rondom het beheer van het gebouw.

woensdag 24 juni 2015

Ramadan en Suikerfeest, eindelijk als kans gezien?

Nederlanders stonden bekend als handelsvolk, de VOC-mentaliteit waar ex-premier Balkenende zo trots op was. en keek over het algemeen niet zo naar diversiteit en geloof, tenminste, zolang het voordelig was. Opportunisme kan je als belangrijke voorwaarde voor succesvol ondernemerschap zien. Maar waar is dit opportunisme als het gaat om moslims en migranten als klanten? Zijn we bang voor kleur, bang voor de Islam? Of onbekend en te weinig flexibel? De toekomst en jeugd van Nederland is gekleurd, of je nu wilt of niet, dus durf te denken in kansen. Labyrinth - Extenzio voert al jarenlang de Suikerfeestmonitor uit omdat sprake bleek te zijn van een blinde vlek bij de grote Nederlandse retailers en supermarkten. Marketing en promotie en een aangepast assortiment, wat voor het Kerstfeest of welk feest dan ook heel normaal is, komt nu schoorvoetend los rond de Ramadan en het Suikerfeest. HEMA en Albert Heijn. voorzichtig kwamen grote ketens de laatste jaren met acties. Dit is vooral zichtbaar in de grote steden waar deze belangrijke klantgroep niet meer is weg te denken. In de VS of Amerika is het heel gewoon en heel succesvol, etnomarketing. Ieder jaar monitoren wij weer andere en nieuwe ketens die hun ogen openen voor de Ramadan en het Suikerfeest. Zal dit nu gaan doorbreken? Fashion lijkt nu het voortouw te gaan nemen! Welke kansen zie jij?

dinsdag 3 februari 2015

Verdringing als argument om het oude in stand te houden?

In al die jaren dat ik mij met wijkeconomie bezig houd en recent ook bij de workshop van Labyrinth Academy over geldstromen door de wijk, komen vaak dezelfde belemmeringen naar voren. Wanneer wij kansen om geldstromen door de wijk benutten, neem bijvoorbeeld het doen van het schoonmaakwerk van de portiekflats door wijkbewoners zelf, wordt door een "geldstroominbrenger" vaak het argument van verdringing gebruikt als reden om het werk niet uit te besteden aan een lokaal initiatief zoals een wijkcoöperatie. Naast het feit dat contracten meestal niet zomaar opgezegd kunnen worden (raamovereenkomsten) en "moeten" worden aanbesteed, wordt verdringing vaak aangevoerd als inhoudelijk bezwaarpunt: wijkbewoners een baan, huidige schoonmaker werkloos? Het is interessant om verder op dit item in te zoomen. Niemand zit te wachten op sec het verplaatsen van problemen. In hoeverre zal er bij wijkcoöperaties, buurtinitiatieven, bewonersbedrijven etc. echt sprake zijn van verdringing? Of zijn het nu meestal ook al mensen uit de wijk die bepaald werk doen en zo ja, wat is dan het verschil?

Niet lokale baan, maakt plaats voor lokale baan. Herverkaveling arbeidsmarkt

Wanneer als voorbeeld de schoonmaker van buiten de wijk, plaats maakt voor die uit de wijk, kan de schoonmaker van buiten de wijk dan in zijn eigen gebied werken? Dan is het meer een herverkaveling van de arbeidsmarkt.

Werken voor de wijk, voor het collectief in plaats van voor een baas op grote afstand

Uit onze onderzoeken naar ondernemerschap binnen het kleinbedrijf blijkt dat een belangrijke reden voor veel mensen om zelfstandig te worden, zit in het feit dat veel mensen liever niet voor een baas op afstand werken. Zij zoeken vrijheid, trots en verbondenheid. Werken voor de wijk als werkgever, of voor het lokaal gewortelde kleinbedrijf, zoals de arbeiders in Mondragon (Baskenland), in plaats van de beursgenoteerde schoonmaker met anonieme aandeelhouders kan ervoor zorgen dat mensen weer met opgeheven hoofd naar hun werk gaan. Het is niet werken voor een ander, maar werken voor ons en voor jezelf.

Geen verdringing van arbeidsplekken, maar wel van verdienmodel

In dit geval hoeft er dan helemaal geen verdringing van arbeidsplekken plaats te vinden. Wel verdringing van businessmodel: Afroming van buiten de wijk, maakt plaats voor afroming binnen de wijk. Geen gekke gedachte gezien het feit dat er anders weer belastinggeld moet gaan richting uitkeringen en sociaal maatschappelijke problemen. En wat te denken van ziekteverzuim bij grote schoonmaakbedrijven (of zorgbedrijven, of beheerdersorganisaties, of schilderbedrijven, of etc. etc. etc.)?

Makkelijker gezegd dan gedaan

Het is natuurlijk makkelijker gezegd dan gedaan. Een bedrijf opzetten gaan niet vanzelf, hiervoor is veel ondernemerschap en talent nodig. Zie hiervoor ook mijn blog "Wijken hebben ondernemersskills nodig".